Blog #064 Uitsluipende Libellen

Blog #064 Uitsluipende Libellen

Libellen leven het grootste gedeelte van hun leven onder water als larf. Pas aan het einde van hun leven, als het tijd is voor de voortplanting komen de larven boven water. Ze zoeken dan een rietstengel, graspol of tak en kruipen naar boven. Ze hechten zich bovenin vast en ondergaan dan een gedaante verwisseling.

Uitsluipende Viervlek

Uitsluipende Viervlek, lichaam nog niet uitgekleurd, vleugels nog niet volledig opgepompt

De rug van de larve scheurt open, de libel kruipt eruit, poten eerst. Hij klemt zich nu vast en begint vleugels en lichaam op te pompen. Als dit is gedaan begint het proces van uitharden, dat wel enkele uren kan duren. Tenslotte als alles in vorm is en goed opgedroogd vliegt de nieuwe libel weg. Het is een fascinerend proces om te zien en moeilijk vast te leggen. Een onrustige achtergrond, niet te voorspellen waar en wanneer het gebeurt, dus geduldig zoeken is het motto. Begin Juni ontdekte ik bij het Naardermeer een Viervlek in wording. Hij/zij was net uit het larvenhuidje gekropen.

Uitsluipende Viervlek

Uitsluipende Viervlek, de vleugels zijn gevormd.

De vleugels werden nog opgepompt. Even later waren de vleugels gevormd en kon het drogen beginnen. Je kunt hier zien dat ook het lichaam nog niet ‘uitgekleurd’ is. Even later is de libel gereed.

Viervlek

Viervlek

De eerste vlucht wordt gemaakt. Wat achter blijft is het lege huidje.

Larvenhuidje van een Viervlek

Larvenhuidje van een Viervlek

Het hele proces kan bij sommige libellen wel vier uur duren. Helaas heb ik het begin en het eind niet meegemaakt. Ook van het uitsluipen van een Blauwe Glazenmaker kon ik maar een klein stukje vastleggen, van het net uitkruipen tot het oppompen van de vleugels. Maar zo blijft er steeds iets op mijn fotografische wensenlijst.

 

 

Uitsluipende Blauwe glazenmaker

Uitsluipende Blauwe glazenmaker, net uit zijn larvenhuid gekropen

Uitsluipende Blauwe glazenmaker

Uitsluipende Blauwe glazenmaker, vleugels worden volgepompt

Blog #063 Orchideeën aan de Noord-Hollandse kust

Blog #063 Orchideeën aan de Noord-Hollandse kust

Rietorchis

Rietorchis

 

 

Ik ben al een paar jaar lid van het IVN Amstelveen (Vereniging voor Natuureducatie). Het IVN kent diverse werkgroepen o.a. de werkgroep “Fotografie” waar ik deelnemer van ben. Een keer per jaar wordt er in samenwerking met de Paddenstoelenwerkgroep een avond georganiseerd waar we ons werk tonen aan andere leden. Dit jaar was het Fotografie-thema “De Nederlandse Kust”. Prachtige beelden kwamen voorbij van stranden, vogels en meer wat we aan de kust aantreffen. Ik heb een presentatie gegeven over de Orchideeën die aan de Noord-Hollandse kust voorkomen en ik dacht dat het wel aardig was dit verhaaltje ook op mijn website te zetten. Hierbij dus. In Nederland komen zo’n 50 soorten wilde orchideeën voor. De hotspots zijn de kalkgraslanden in Zuid-Limburg, de veenweidegebieden in Drenthe en dan de Nederlandse kuststrook. Van alle in Nederland voorkomende orchideeën kun  je de helft aantreffen aan de kust.  Wat Zuid-Limburg en de kust gemeen hebben is … kalk. De kalk in het Limburgse landschap is verklaarbaar doordat hier in het krijt, het geologisch tijdperk dat duurde van 145 miljoen jaar geleden tot 66 miljoen jaar geleden een zee stond. De kalkskeletten van gestorven zeedieren zakten naar de bodem en vormde op den duur een dikke laag kalk (de huidige mergellagen). De Nederlandse orchideeën soorten zij liefhebbers van arme, kalkrijke gronden en voelen zich dus prima thuis in Limburg. Maar de kuststrook dan. Kalk is makkelijk oplosbaar in water en de grote rivieren zorgen dan ook voor een voortdurende aanvoer van kalk. Zonder deze aanvoer zou de kalk snel uitspoelen zouden het snel gedaan zijn met de grote aantallen wilde orchideeën.  In het noorden van Noord-Holland is er minder aanvoer van kalk, de duinen zijn daar ‘grijzer’, de grens ligt ergens bij Bergen. Blonde duinen in het zuiden, grijze duinen in het Noorden, met andere planten gemeenschappen en andere orchidee soorten. We beginnen onze tocht in het noorden van de provincie, het Zwanenwater. Een prachtig gebiedje met veel natte duinvalleien die al tijden niet bewerkt of bemest zijn en daardoor hun voedselarme kwaliteit hebben behouden. Het opkomende duinwater is ook van goede kwaliteit, dus alle voorwaarden zijn er voor een mooie orchideeën populatie.  Dat begint midden mei met als eerste de Brede Orchis. Deze soort behoort tot de handekenskruiden, een groepje orchideeën die lastig zijn te determineren en vaak ook nog onderling kruisen. Maar hier dus de brede orchis. 

 

 

Brede orchis

Brede orchis

Brede orchis

Een veld met Brede orchis

Brede orchis

Brede orchis tussen het gras

De Brede orchis wordt vanaf eind mei opgevolgd door de Riet orchis.

 

Een soort die wat iconisch is voor de Nederlandse orchideeën. Een ander exemplaar dat we er vinden is de Gevlekte orchis.

Gevlekte orchis

Gevlekte orchis

Tenslotte in het het rijtje handekens kruiden die we vinden in de natte duinvalleien van het Zwanenwater is de Vleeskleurige orchis.

Vleeskleurige orchis

Vleeskleurige orchis

Handekenskruiden heten overigens zo omdat de knolletjes lijken op twee uitgestoken vingertjes. Tussen deze paarse schoonheden staan ook de bloemen van de Grote keverorchis.

Grote Keverorchis

Grote Keverorchis

In deze bloemetjes zou je met veel fantasie kevertjes kunnen herkennen.

Grote keverorchis

Grote keverorchis

 Ook vind je er nog al eens de bestuivende boktorretjes op waar de naam ook vandaan kan komen. Om deze kevertjes te lokken verspreid de Keverorchis een muskusachtige geur die erg aantrekkelijk is voor de bestuivers. Een heel tere schoonheid die je hier tegenkomt is de Welriekende nachtorchis.

 

Welriekende nachtorchis

Welriekende nachtorchis

Welriekende nachtorchis

Welriekende nachtorchis detail

 

Prachtige witte bloemetjes, bijna van doorzichtig porselein. In de avond en ’s nachts schijnt deze orchidee een geur te verspreiden die nachtvlinders aantrekt.   Tenslotte in het Zwanenwater een van mijn favorieten, de Bijenorchis.

Bijenorchis

Bijenorchis

 

Bijenorhcis 933f2

Bijenorchis

De naam komt van de vorm die op een bij schijnt te lijken (als je graag wilt). De Bijenorchis komt in bloei begin juni, in de tijd dat er ook Darren zijn van wilde bijen. De darren proberen te paren met de orchis, komen er dan achter dat ze zijn gefopt en vliegen gefrustreerd weg. Bij deze schijnparing hebben ze echter al wat pollen op hun rug gekregen.  De frustratie leidt ertoe dat ze niet meteen opnieuw een schijnparing doen met de naastgelegen Bijenorchis, maar dat ze een stukje wegvliegen voordat ze nieuwe poging doen. De frustratie zorgt er op deze wijze voor dat er genetische variëteit blijft bij de Bijenorchis.  Deze samenhang, de bloeitijd op een moment dat er al we Darren zijn, maar nog niet zo veel vrouwtjesbijen, de frustratie etc is een voorbeeld hoe alles in de natuur samengrijpt en volgens mij nog een van de vele onbegrepen wonderen. Dus deze bestuiving zorgt voor genetische variëteit en dat is nodig, omdat een groot gedeelte van de voortplanting bij deze orchis plaatsvind dmv zelfbestuiving waar uiteraard geen variatie plaatsvindt.

We zakken nu af naar de Schoorlse duinen. De zogenaamde grijze duinen, er is hier minder kalk dan in het zuiden van de Provincie. Maar wat hier wel zijn zijn oude Dennenbossen en dat is wat de Dennenorchis nodig heeft.

Dennenorchis

Dennenorchis

Een heel klein plantje waar je makkelijk overheen kan kijken. Maar wel een zeldzaamheid. Naast Texel en in de provincie Drenthe vind je alleen hier in de Schoorlse duinen een kleine populatie. Ik sprak mensen die er dagelijks langs wandelen en die het nooit was opgevallen dat hier de zeldzame Dennenorchis staat.

Dan nog meer zakken naar de duinen bij Tatasteel voor het Hondskruid.

Hondskruid

Hondskruid

 Anacamptis pyramidalis.

Hondskruid-6437

Hondskruid

De naam zegt iets over de vorm, een schuin torentje van paarse bloempjes.  Vrij zeldzaam en ten gevolge van de opwarming verschuift zijn verspreidingsgebied naar het Noorden. Het blijkt dat als de omstandigheden goed zijn, soorten massaal kunnen voorkomen. Hier in de duinen van Tatasteel hoef je niet lang te zoeken om het hondskruid tegen te komen. Let als je hier komt ook eens op het Bremraap, een vrij zeldzame halfparasiet.

Tenslotte het laatste gebied dat ik vandaag wil noemen, het Kennemerstrand. Het Kennemerstrand is ontstaan bij de verlenging van de Zuidpier zo’n 50 jaar geleden. Het natuurgebiedje wat toen ontstond is in 2012 gedeeltelijk vrijgemaakt van wilgenopslag en struiken om zo de natte duinvalleien meer ruimte te geven. Zo rond het begin van deze eeuw is ook nog het grondwaterpeil omhoog gekomen doordat er minder grondwater werd opgepompt. En sinds dit jaar worden aan de Oostzijde honden geweerd. Alles bij elkaar heeft dit geleid tot een gebied waar vele orchideeën zich thuisvoelen en zijn opeens ook wat zeldzame soorten opgedoken. De Rietorchis

is uiteraard ook hier te vinden. Zijn paarse bloemen tussen de gele bloemen van de grote ratelaar vallen onmiddellijk op.

Een andere soort die je hier in grote getale ziet is de Moeras wespenorchis.

Moeraswespenorchis

Moeraswespenorchis

Het is een broer van de Brede wespenorchis, de meest algemene soort in Nederland.

Brede wespenorchis

De Moeraswespensorchis plant zich voor door middel van worteluitlopers. Als er dus enkele voorkomen vormen zich al vrij snel velden en een behoorlijke populatie.  In deze jonge duinvalleien met veel schelpkalk en door het voedselarme, mineraalrijke grondwater voelt de Moeraswespenorchis zich hier prima thuis. Dan twee meer zeldzame soorten, allereerst de Groenknolorchis,

Groenknolorchis

Groenknolorchis

die hier op het Kennemerstrand een van zijn weinige plekken heeft gevonden in Nederland.  Hij is heel zeldzaam en ook Europees beschermd. En dan de Honingorchis,

 

 

Honingorchis

Honingorchis

 

Honingorchis-6437

Honingorchis

klein maar met een bedwelmende honinggeur. U kunt er nu rustig aan ruiken zonder dat u bang hoeft te zijn dat een hond u bespringt, een minder prettige ervaring die ik een tijdje terug had.  Maar het bloemetje is maar 10 cm hoog, dus ik moest door de knieën.  Hij was in Nederland bijna verdwenen en staat nu op de rode lijst, hier dus te bewonderen. Dan langs de wegen aan de kust vind u de Brede wespenorchis, zoals gezegd, de meest algemene soort in Nederland, zo algemeen dat toen ik de gemeente Haarlemmermeer belde om te vertellen dat een exemplaar tegenover mijn huis bij het reguliere onderhoud was gesneuveld, mij werd verteld dat die zo algemeen is, dat de gemeente die gewoon meemaait dus dat ze niet voor mij konden betekenen. Dat geldt gelukkig niet voor het laatste exemplaar van vandaag, de Bokkenorchis.

 

 

 

 

 

 

Bokkenorchis

Bokkenorchis

 

Bokkenorchis

Bokkenorchis

Ook vrij zeldzaam. Het bladrozet wordt al in de winter gevormd en is vorstgevoelig. Reden waarom deze soort in Nederland nog niet veel is doorgedrongen, maar door de opwarming, schuift ook deze soort steeds verder naar het noorden. Dus zo maar opeens in de berm van de kustwegen kunt u deze beauty tegenkomen, een prachtig exemplaar om vandaag mee af te sluiten.  Ik mis nog een paar soorten, zoals de uiterst zeldzame Harlekijn en de wat algemenere Grote muggenorchis, dus tips zijn welkom.  Ik hoop u met deze korte rondleiding wat inkijk te hebben gegeven in de orchideeën van de kuststrook. Ga erop uit het is beslist de moeite waard.

Blog #062 Kerkuil

Blog #062 Kerkuil

Paartje Kerkuilen

Paartje Kerkuilen

We naderen het einde van het jaar.  Het is koud en regenachtig. Niet de beste omstandigheden om buiten te spelen. Soms nog wel een dagje in een vogelhut, maar om echt er op uit te gaan zijn de omstandigheden niet zo goed.  Tijd om wat achterstand weg te werken. Ik heb al een tijdje niets op mijn website gezet, dus in de komende weken hoop ik die achterstand weg te werken. Begin juni ben ik naar de achterhoek geweest, op zoek naar de Kerkuil. In het Engels heet de kerkuil “Barnowl” en dat is misschien wel een wat betere benaming. Dit is namelijk de favoriete plek van de kerkuil.

Kerkuil close-up

Kerkuil close-up

Donkere hoekjes in gebouwen in de nabijheid van mensen. Jaren terug waren we in Limburg en boven de poort  van het hof waar we logeerde woonde ook een Kerkuil. Ze zijn heel omgevingsgebonden en blijven veelal op dezelfde plek. Als je een kerkuil wilt zien of fotograferen moet je in de late avond zijn, als het donker wordt gaan ze op muizenjacht.  Ze vliegen zoals alle uilen geluidloos en doemen dan opeens op als witte schim. Ze kunnen dan een ijzingwekkende kreet slaken die je de stuipen op het lijf jaagt. Om deze reden werden kerkuilen vroeger gezien als duivelse vogels en werden ze soms door boeren boven deuren gespijkerd om onheil af te wenden.  De kerkuil was door een aantal redenen bijna verdwenen uit Nederland maar is nu bezig met een comeback. In de Achterhoek is een fotograaf die woont op een boerenerf met ook een oude schuur.  Op dit erf huist ook een Kerkuil.  In de winter wordt die bijgevoerd en door de goede zorg is er een aantal nesten succesvol grootgebracht.

dode muis

dode muis

De fotograaf heeft een opstelling gemaakt die het ook mogelijk maakt de Kerkuil te fotograferen. Dus begin Juni op naar de Achterhoek.

Setting Kerkuil

Setting Kerkuil

Na een paar kopjes koffie namen we onze plek en werd het langzaam donker. De opstelling was verlicht met een aantal bouwlampen, maar de lichtomstandigheden bleven moeilijk, met hoge ISO waarden en lange sluitertijden.

Paartje Kerkuilen

Paartje Kerkuilen

De vogels hebben overigens geen last van het licht in de loop der tijd zijn ze er aardig aan gewend geraakt.Na een uurtje wachten diende zich de eerste uil aan, adem in en de eerste opnamen. In de loop van de avond/nacht kwamen ze een paar keer terug. Om 2 uur vond ik het genoeg en zocht ik mijn B&B op. Mijn fotopartner is gebleven tot de volgende ochtend en kreeg een lekker ontbijtje geserveerd. Samen hadden we wat mooie opnames van een vogel die we zonder deze gecontroleerde omstandigheden nooit hadden kunnen fotograferen. Een mooie ervaring rijker hebben we de volgende dag nog wat door de Achterhoek getoerd en genoten van de prachtige omgeving.

Kerkuil close-up

Kerkuil close-up

Blog #061 Kiekendief

Blog #061 Kiekendief

 

 

Rietzanger

Afgelopen week op zoek in het Schinkelbos naar de Blauwborst. Het was een zonnige dag en de omstandigheden leken redelijk. We waren wel wat laat op de dag, maar toch maar een kansje gewaagd. Dat viel tegen. Niet alleen geen Blauwborst, maar ook bijna geen andere vogels. Een enkele Rietzanger en wat Rietgorzen.

Rietgors

 

V Vormig Profiel, een Kiekendief!

Een veel fotografen, bijna nog meer dan vogels.
Dus wat teleurgesteld richting huis, maar ja, dat is het leven van een natuurfotograaf. Het kan wat tegenzitten. Totdat er opeens in de verte het v-vormige profiel van een roofvogel in de lucht verscheen!

Een meteen daarna in het riet aan de rechterzijde van de weg wegdook. Een Bruine Kiekendief! Snel de auto neergezet en het raampje open. Mijn medefotografe had eretribune. Ik besloot uit de auto te stappen en het dak als statief te gebruiken. Zo hebben we wel een uur lang naar de buitelingen zitten kijken van een paartje Bruine Kiekendieven.

Bruinen Kiekendief – Mannetje

 

Bruinen Kiekendief – Vrouwtje

We hebben in Nederland vier soorten Kiekendieven, de Steppenkiekendief, de Grauwe Kiekendief , de Blauwe Kiekendief en de Bruine. Kiekendieven zijn in de lucht te herkennen door hun V-vormige profiel en de ‘vingers’ aan de uiteinden van hun vleugels.  Hierbij hebben de Grauwe en de Steppen er maar vier en de blauwe en de bruine 5. Dus onze kieken waren de bruine of de blauwe. Verder zijn de mannen van de blauwe veel egaler van kleur. De onze waren dus de bruine. Ook zijn er van de blauwe maar enkele tientallen in Nederland. Dus die kans was sowieso minder.

Kiekendief jagend boven het riet

 

Kiekendieven jagen op gehoor, ze vliegen vaak enkele meters boven het maaiveld.

In de baltstijd, zoals nu maken ze vaak rare baltsvluchten hoog in de lucht. We konden dat wel waarnemen, maar fotograferen bleek toch een stuk lastiger.

En baltsend hoog in de lucht

Een ander kenmerk van de kiekendief is, dat ze zich als een blad naar beneden laten dwarrelen, richting nest. Dat was nog moeilijker scherp te krijgen. De autofocus van de camera blijft pendelen tussen gras en kiek. Nog wat meer oefenen dus.

De autofocus heeft het moeilijk met het verschil tussen riet en kiek

 

De kiekendieven werden ook belaagd door een paar kraaien. Hoewel de spanwijdte van de kieken behoorlijk is, is het toch een betrekkelijk kleine vogel. Ze boden wel partij aan de kraaien, maar die leken niet echt onder de indruk van snavels en klauwen.

Kraai en kiek geen goede maatjes.

Na dus een uurtje daar gezeten te hebben verscheen ook nog een paartje Torenvalken als kers op de taart. Dat was een mooie afsluiting van een onverwachte leuke middag natuurfotografie.

Kers op de taart, een paartje Torenvalken

Blog #058 Buizerd

Blog #058 Buizerd

Onlangs weer eens wat foto’s gemaakt vanuit een schuilhut. 

Buizerd met oogvlies

Buizerd, let op het blauwe beschermingsvlies, half over zijn  (of haar) oog.

En zoals bij de Sperwer in mijn vorige blog, was opeens de opwinding groot toen een Buizerd op de tak voor de hut neerstreek.

 

Buizerd op tak-9243

Buizerd op tak

Dit ging redelijk ‘ongemerkt’. mijn ervaring met de Sperwer was, dat het rond de hut opeens compleet stil werd, en dan was die Sperwer er opeens. Met de buizerd ging dat anders. De kleine vogels vlogen even normaal op maar kwamen vrijwel meteen weer terug. Ze hebben van de buizerd niets te duchten. 

 

Na even de kat uit de boom gekeken te hebben, kwam de buizerd uit de boom en lande op een tak voor de hut.

 

Buizerd-8885

Maar ook hier in eerste instantie uiterst waakzaam.

 

 

De dode duif die er lag werd met smaak uit elkaar geplozen.

Buizerd close-up met prooi

Buizerd close-up met prooi

Hier een mooi totaalplaatje, met spiegelbeeld

Buizerd met spiegelbeeld-8919

Buizerd met spiegelbeeld

En een close-up

Waarmee hij/zij weer verdween.

 

Blog #057 Nieuwe Zin

Blog #057 Nieuwe Zin

Sperwer 7039

Sperwer

 

Met het grauwe en naargeestige weer dat we deze winter hadden, schoot het fotograferen er een beetje bij in. We hadden ook wat mooie sneeuwdagen, maar helaas lukte het toen niet de natuur in te trekken. Maar zie daar opeens wat koude en zonnige dagen. Met Marga afgesproken maar weer eens een dagje “Fotohut” te doen. Deze keer werd het een hut in Overijssel. Moeilijke omstandigheden, er lag nog wat sneeuw en de achtergrond was aardig donker, dus de kans op uitgebeten witte plekken of een zwarte achtergrond.

Kuifmees-7483

Kuifmees

Ook is het is altijd afwachten wat zich aandient, koolmezen, vinken en de grote bonte specht zijn vaste gasten.

Koolmees-6011

Koolmees

 

Vink-5998

Vink – vrouw

 

Vink-5781

Vink – man

 

Kuifmees 7544-

Kuifmees

 

Grote bonte specht-6695

Grote bonte specht

 

Pimpelmees

 

Pimpelmees-5858

Pimpelmees

 

En soms zit er een verrassing bij. Dus deze keer ook. Een Keep. Nog niet eerder gezien, maar ja ik ben dan ook geen ervaren vogelaar.

Keep-6297

Keep

 

Keep-6584

Keep

 

 

Keep-6784

Keep

Plots is het stil voor de hut. Alle vogels verdwenen. Dan weet je dat het spannend wordt en inderdaad, het snoepje van de week, deze prachtige Sperwer.

 

Eerst even alles observeren van een tak:

Sperwer 7016-

Opeens is daar een mooie mannelijke Sperwer

 

Dan landen bij het plasje, maar nog steeds heel waakzaam.

Sperwer 6998-2

Sperwerman blijft waakzaam en spiedende om zich heen kijken

 

Een fris bad

Sperwer 7206-2

Badderende Sperwer

 

Tenslotte nog een laatste blik op de omgeving:

Sperwer 7346-

Sperwer

 

En vertrokken was meneer, het andere gevogeltje keerde langzaam weer terug en opeens kwam ook de zin in fotograferen weer terug, het fotoseizoen is weer begonnen.