Blog #048 Het verhaal van de Steenuil

Blog #048 Het verhaal van de Steenuil

Oliver, de jonge Steenuil, in zacht middaglicht. Symbool van de wijsheid.  Contemplatief en beschouwend

Dit is het verhaal van een steenuiltje.  Laten we hem voor het gemak Oliver noemen.

 

 

Het verhaal van Oliver begint medio April, als zijn ouders paren. Zijn ouders zijn al jaren bij elkaar, Steenuilen zijn monogaam en vormen een paar voor het leven. 

Volwassen Steenuil op melkton

Volwassen Steenuil, ouder van Oliver.

 

Het resultaat van de paring is vier mooie eieren. Dat is een gemiddeld aantal.  Het aantal eieren varieert meestal tussen de 3 en 5. De eieren worden met twee dagen verschil gelegd en de moeder van Oliver begint pas met broeden als het voorlaatste of laatste ei is gelegd. Dat is belangrijk, want dat betekent dat de eieren allemaal vrijwel tegelijk uitkomen en de jongen dus nagenoeg gelijk groot zijn. Bij andere (roof)vogels is dat weleens anders, daar wordt begonnen met broeden bij het eerste ei. Dit leidt er dan toe dat het oudste jong beduidend groter is dan het laatste en vooral in tijden van voedselschaarste heeft het kleine, laatste jong weinig kans. Maar dus niet bij  Steenuilen.

Jonge steenuil op hek

Jonge Steenuil op een oude boerenhek.

 

Het vrouwtje broedt alleen, het mannetje zorgt voor het voedsel.  Tijdens de broedpauzes gaat het vrouwtje zelf ook nog op jacht, zeker als het voedselaanbod krap is.  Het broeden duurt ongeveer vier weken en is dus een exclusief vrouwelijke taak. Na die vier weken kruipt Oliver dus bijna gelijk met zijn broers en zussen uit het ei.  De mannetjes verzorgen de bevoorrading, voor het grootste gedeelte regenwormen. Oliver blijft ongeveer 30 dagen in het nest, Hij klimt al vaak  al uit het nest hoewel hij eigenlijk nog niet goed kan vliegen . Na zo’n  uitstapje klimt Oliver  dan weer terug het nest in .

Jonge Steenuil klautert op Melkton

Jonge Steenuil klautert rond op een melkton

 

Gelukkig heeft de boer waar de ouders van Oliver hun nest hebben geen  gladde kraag onder het nest gemaakt, bv om marters tegen te houden. Hoewel goed bedoeld  leidt het er toe dat Oliver  niet meer kan  terugklimmen in het nest en zou omkomen.   Een week na die dertig dagen kan Oliver vliegen. Hij blijft  nog ongeveer 5 weken binnen het territorium en wordt nog door zijn  ouders van voedsel voorzien. Na die vijf weken is het afgelopen  en verlaat Oliver het territorium van de oudervogels om zelf in de omgeving een eigen territorium te zoeken.  Het is dan ongeveer eind Juli. Na ongeveer een jaar is Oliver zelf ‘geslachtsrijp’ en begint het feest opnieuw.

Oliver de Steenuil zal uitgroeien tot  een relatief kleine vogel, tussen 21-23 cm. Kleiner dan bv. een duif.  Hij  is een bodemjager, muizen als voornaamste voedselbron, maar ook wormen en insecten. Zo nodig rent Oliver achter zijn prooi aan, een koddig gezicht. Hij zal een eigen territorium creeeren, exclusief, dus zonder overlap en afgezien van zijn partner zal hij  absoluut geen andere Steenuilen dulden.

 Oliver heeft een hoog schattig gehalte, maar is toch echt een roofvogel. Anders dan andere roofvogels (drie tenen naar voren, een naar achter) kan Oliver  ook nog een extra teen naar achter draaien om zijn prooi (veelal muizen) nog harder vast te knijpen totdat hartslag stokt. 

Volwassen steenuil met muis links 9556

Volwassen Steenuil met muis

 

Hij is een vogel van kleinschalige landbouwgebieden, van schuren, veestallen, holle bomen etc.  Het zal dan ook geen verwondering wekken, dat daar waar de landbouw en veeteelt intensiever wordt, de steenuil verdwijnt. Bijvoorbeeld door het rooien van alle oude, holle bomen. Vergelijk met name  Groningen en Friesland, waar de Steenuil nauwelijks meer voorkomt, met de Achterhoek en Limburg, waar je in Nederland nog de dichtste populaties vindt. Het was in de Achterhoek, waar ik na een flinke tijd zoeken een mooie plek vond om de Steenuilen van vandaag te bewonderen.

Hoewel Oliver over het algemeen ’s avonds en ’s nachts jaagt geldt voor hem en andere steenuilen  dat het ook echte zonaanbidders zijn. Je vindt hem  vaak zittend in het zonnetje, wel vlak bij een plek waar hij zich in geval van nood snel in veiligheid kunnen brengen.  Het helpt dat ze een vast territorium hebben, waar hij alle hoeken en gaten kent.

Steenuil in het laatste avondzonnetje

Volwassen Steenuil in laatste avondlicht

 

De steenuil is vernoemd naar de godin Athena. De latijnse naam van de Steenuil is Athena noctua. De nachtelijke Athena.  Goden en godinnen konden in het oude Griekenland verschillende gedaantes aannemen en een van de gedaantes van Athena was Athena Glaukopis, de uil-ogige Athena. In die gedaante werd zij vaak afgebeeld met haar symbool, de Steenuil. De Steenuil was daarmee ook de vogel van de wijsheid.

Het  z.g. schattige van steenuilen is iets van deze tijd, vroeger hadden uilen vaak een negatief imago. Uilen werden vaak ook beschouwd als ook brengers van slechts nieuws met hun felle kreten en hun nachtelijke verschijning. Die grote gele ogen zouden ook de maan weerspiegelen en droeg ook niet bij aan het goede imago. Zo erg als kerkuilen, die vaak door boeren aan schuurdeuren  werden gespijkerd om onweer en onheil af te wenden was het niet, maar de schrille kreten van steenuilen werden niet altijd gewaardeerd.

Grote gele ogen weerspiegelen de maan

Grote gele ogen die de maan weerspiegelen

 

Ondertussen is het in de Achterhoek later geworden en neemt het licht snel af en de ISO waarden bij het fotograferen snel toe.  Het einde van onze fotosesssie.  Als we volgend jaar weer op dezelfde plek zijn, zullen we waarschijnlijk ook weer de uil met de 8 op zijn pootring zien.   

We nemen afscheid van Oliver en zijn ouders. Oliver zullen wij waarschijnlijk niet terugzien en we wensen dat hij mag opgroeien tot een mooie jonge Steenuil.

Steenuil met muis

Close-up van volwassen Steenuil met nog levende muis

 

Blog #047 Drie Orchideeën

Blog #047 Drie Orchideeën

Rood Bosvogeltje, 7337

Rood Bosvogeltje, Provence 2017

 

Wereldwijd zijn er ongeveer 30.000 soorten orchideeën.  Orchideeënsoorten maken daarmee ongeveer 10% uit van de totale plantensoorten. Als ik de veldgids “Wilde Planten van de Benelux”van van der Meijden e.a. neem, tel ik daar ongeveer 1400 verschillende plantensoorten in Nederland, 10% hiervan is 140. Als ik dus de 10% lijn zou doortrekken zouden we in Nederland 140 verschillende orchideeën moeten tegenkomen. Maar dat lukt niet, de meeste orchideeën komen in tropische gebieden voor en wij zijn slechts matig bedeeld met 40 soorten.

Vandaag drie relatieve zeldzaamheden, de Groenknolorchis, de Honingorchis en het rode Bosvogeltje.

 

Groenknolorchis 7039

Groenknolorchis

De Groenknolorchis. Beschreven als zeer zeldzaam in de Nederlandse duinen. In Vlaanderen nog maar op 1 plek.  Een onooglijk plantje met nauwelijks opvallende bloemen. Pas als de bloemen zijn bestoven zet het vruchtbeginsel wat op, waardoor de bloemetjes wat beter zichtbaar zijn. De voortplanting gaat voornamelijk vegetatief, ieder jaar wordt een nieuw knolletje gevormd. Het is een pionierssoort, als de omstandigheden goed zijn verschijnt de Groenknolorchis als een van  de eersten, maar wordt ook vrij snel weer verdrongen bijvoorbeeld door Duindoord, of als het terrein meer ruiger en begroeid raakt. Een vroege soort, nu midden/eind Juni loopt de bloei op zijn eind en zult u de Groenknolorchis niet meer tegenkomen.

 

Groenknolorchis 7039

Groenknolorchis, closeup van de bloem

 

 

 

Dan de Honingorchis. Ook zo’n zeldzaamheid. Op de site van Natuurfoto.nl stond in 2013 dat de soort vrijwel verdwenen was, met nog slechts een gekende plek. De  latijnse naam is Herminium monorchis, waarbij Hermanium komt van het griekse hermis, zuil en mono-orchis erop duidt dat er maar een knolletje is.

Honingorchis 8351

Honingorchis

Ondertussen gaat het iets beter, maar de kans dat  u er tijdens uw wandeling over struikelt is nog steeds niet heel groot. Ook een soort van de “Rode Lijst” dus sterk bedreigd. Als je heel diep voorover buigt (de  schoonheid is maar 10cm hoog), kun je honing ruiken, vandaar de naam.

Honingorchis 8328

Groepje Honingorchis

 

 

De derde soort hier is het Rode bosvogeltje. In Nederland van de rode lijst gehaald, omdat de soort niet meer voorkomt. In de Veldgids van van der Meijden staat het Rode bosvogeltje nog wel vermeld.

Rood Bosvogeltje 7736

Rood bosvogeltje, Provence-Frankrijk, 2017

 

Hier ietsje gesmokkeld, deze soort heb ik gevonden tijdens de vakantie in de Provence. Ik had bij een plaatselijke deskundige geïnformeerd, maar die liet me weten dat het ‘seizoen’al over was, dat ik alleen nog wat ‘Epipactis’ soorten zou aantreffen (Wespenorchis), maar dat ik voor de rest te laat was. Ik was daarom dubbel blij dat ik bij toeval tegen het Rode bosvogeltje aanliep. Mijn blijdschap werd enigszins getemperd toen ik nog twee exemplaren vond waarvan de bloemetjes ware afgeknipt.  Naar mijn idee een van de mooiste soorten en als je er voor open staat lijkt het inderdaad wel een vogeltje.  Mijn volgende orchideeënportretje zal gaan over drie iets algemene soorten, de Brede wespenorchis, de Moeraswespenorchis en het Hondskruid.                            

Blog #046 Blauwtje

Blog #046 Blauwtje

     

6340 Blauwtje

Visdief loopt blauwtje

Visdiefjes zijn de meest algemene van de Nederlandse sterns.  Erg verwant aan de Noordse stern.  Het meest kenmerkende verschil met de noordse stern is, dat visdieven  meestal een zwart puntje aan hun rode snavel hebben.

Paartje Visdieven-5302

paartje visdieven met kenmerkende zwarte snavelpunt

 

Hun nesten hebben ze vaak op kale eilandjes waar ze veilig zijn voor predatoren.  Ze leggen bruine, gevlekte eieren.  Soms twee legsels per seizoen. De broedtijd bedraagt ongeveer drie weken.

Midden Mei had ik de gelegenheid de Visdiefjes van redelijk korte afstand te bekijken. Dat is altijd een genoegen. Het zijn dynamische vogels en er gebeurt altijd wat.

Visdiefje-5305

Visdief dichtbij

 Ik kon nog geen legsels ontdekken, maar de paartjes waren al wel gevormd. Ook werd er nog volop gepaard. 

Paring-5372

Parende visdieven

Na het paren-5382

Na afloop van de paring

 

Het eilandje waar ze op zaten is ook aantrekkelijk voor Kluten. 

Buren-5348

Kluten zitten al op de eieren.

Een van de Klutenparen zat al op de eieren en dat leverde geregeld grensconflicten op, met een hoop over en weer gepik.

Grensconflict-5343

Grensconflict

Tijdens de paarvorming biedt het mannetje het vrouwtje regelmatig een visje aan om de relatie te bestendigen.  Als het mannetje in zicht komt, begint het vrouwtje hard te schreeuwen, het mannetje reikt het visje aan dat met één slok verdwijnt.

Visje aangenomen-5865

Visje wordt geaccepteerd

Op een bepaald moment kwam er dit mannetje met een mooi visje.

Man met vis-5880

Man met vis

Ik verwachtte dat het vrouwtje meteen zou toehappen, maar kennelijk was dit niet de gekozen partner. Ondanks het smakelijke hapje, werd het mannetje volkomen genegeerd. Het was net of hij er niet was, lucht. Hij wandelde nog een tijdje om het vrouwtje heen, maar zij bleef doen of hij lucht was.

Veren poetsen-6286

Zij poetst de veren en doet of hij niet bestaat.

 

Uiteindelijk werd het visje  maar zelf opgegeten. 

Dan maar zelf-5892

Dan maar zelf opeten

Het blauwtje dat het mannetje hier liep was zo diepblauw, dat het pijn deed aan de ogen. Maar wel weer een unieke ervaring.

Visdief met visje-6348

Visdief met visje

 

Blog #045  Grutto Hormonen

Blog #045 Grutto Hormonen

Vechtende grutto's

Vechtende grutto’s

Het is lente en paartijd. Dan jagen de hormonen de grutto’s door het lijf. Er ontstaat  weleens een kleine ruzie, en soms mag je daar dan getuige van zijn. Ik was de gelukkige toeschouwer en hoewel ‘not the real thing’ wil ik u ook deelgenoot maken met wat plaatjes.

Om het geheel in te kleuren heb ik de grutto’s enig menselijk gedrag toegedacht.

Het begint allemaal met de ontmoeting in Friesland. 

Grutto ontmoeting

Grutto ontmoeting

 

De twee grutto-vrienden hebben elkaar het laatst ontmoet in de rijstvelden van Senegal in West-afrika. Ze hadden daar samen gefourageerd in de rijstvelden.  In de zomer eten ze voornamelijk dierlijk voedsel, bijvoorbeeld wormpjes die ze met hun lange gevoelige snavel uit de rond wurmen.  Maar in de winter en tijdens de trek zijn ze vegetarier.

Nadat onze vrienden tijdens de lange trek vanuit West-Afrika elkaar uit het oog waren verloren, kwamen ze dus elkaar hier in Friesland weer tegen.  In het begin was de stemming goed, maar al snel ontstond een ruzie-achtige sfeer en vlogen de verwijten over en weer.  Mijn kennis van het Grutto’s is niet zo dat ik kon verstaan waar het over ging, maar ik kreeg de indruk dat het over een vrouwtje was.  Zoiets als “ik zag je wel naar haar kijken hoor”. Het is tenslotte paartijd en zoals gezegd staan ze dan strak van de hormonen.

Grutto discussie

Grutto discussie

Al snel ontaardde de  discussie in handgemeen voorzover je dat bij grutto’s kunt zeggen. Een hoop gefladder en gepik naar elkaar. Aanvallen en schijn aanvallen.

gefladder en gepik

gefladder en gepik

Tenslotte moet er een de wijste zijn en die keerde de ander de rug toe. Nog een laatste schijnaanval na.

 

grutto gaat ervandoor

grutto gaat ervandoor

 

nog een laatste aanval na

nog een laatste aanval na

De afgedropen Grutto koos het luchtruim, waar hij nog even luid zijn ongenoegen ventileerde. 

Grutto vliegt weg

Grutto vliegt weg

Nog even een laatste opmerking, meer aan zichzelf in de trant van ‘hij zakt er maar in’ en weg was hij.

Gruttos gaat ervandoor

Gruttos gaat ervandoor

De overwinnaar keerde terug naar zijn maten, met zijn staart nog wat in de war.

grutto met staart in de war

grutto met staart in de war

Even later zat alles weer goed en keerde de rust weer in de Friese weiden. 

rust keer weer-6128

rust keer weer-6128

 

Na deze opwindende blog zal ik u de volgende keer wat meer vredige grutto plaatsjes voorschotelen. Maar dit kleine dispuut wilde ik u niet onthouden. En och het komt inde beste families voor.

Tenslotte heb ik mijn mooiste plaatje voor het laatst bewaard en in hoge resolutie. Klik hier voor de foto op volle breedte en in hoge resolutie.

 

 

Blog #040 Voorjaar in de Wei

Blog #040 Voorjaar in de Wei

Ik probeer ieder voorjaar naar Friesland te gaan om boer Murk naar de weidevogels te kijken. In het verleden hebt u hier ook wat foto’s en blogs van gezien. Murk doet goed werk voor de weidevogels en de plek wordt ook steeds populairder bij collega-fotografen. Het gevolg is wel dat ik langer tevoren moet gaan reserveren en dan kan het weer tegenzitten. Deze maandag was dus een donkere en regenachtige dag.  Daardoor waren er minder vogels en ook minder soorten. Desondanks hier mijn voorjaars-weidevogels portretten. Niet veel tekst dit keer alleen wat foto’s.  

Grutto tussen de paardenbloemen

Grutto tussen de paardenbloemen

Wel grappig om te horen hoe smaken verschillen. Van de serie foto’s vandaag is dit mijn voorkeur. De grutto in zijn natuurlijke omgeving. Sandra vroeg zich echter af waarom die vogel zo klein is afgebeeld.  Duidelijk niet haar favoriet.

Grutto in de regen

Grutto in de regen

Dus dan maar wat groter, hopen dat die wel bevalt. let op de regenstralen. Gelukkig zat ik binnen.

Slobeend

Slobeend

 

Bergeend

Bergeend

 

Scholekster

Scholekster

 

Een natte schol.  Volgens mij heet dat Ton-sur-Ton, die mooie, helderoranje snavel en dan het bijpassende oranje oog.

 

Blog #044 Hagewiskunde

Blog #044 Hagewiskunde

Pareldhagedis,

Parelhagedis, Extremadura

Wat een rare titel voor een Blog en een die vast niet door de Google zoekalgoritmes gevonden gaat worden maar toch.

Wat is het geval, we moeten terug naar 1970. Wiskundige John Conway bedacht een spel en noemde het  “Life”.  Je neemt een oneindig raster, kleurt daar een aantal hokjes in en laat de rest wit. Dat is generatie één.  Generatie twee ontstaat door consequent en gelijktijdig deze twee regels toe te passen:

  • Een ingekleurd hokje met vier of meer of minder dan twee ingekleurde buren wordt wit.
  • Een wit hokje met precies drie ingekleurde buren wordt gekleurd.

Dan volgt het wonder, stop het beginpatroon met die twee regels in een computer en je ziet een verbazende rijkdom ontstaan van bewegende, zich herhalende,  chaotisch stabiele  of zelfs eeuwig groeiden patronen.

Nu jaren later, beschrijft Michel Milinkovitch van de Universiteit van Geneve dat precies dit patroon is gevonden bij de Spaanse parelhagedis. Bij jonge dieren zijn de schubben nog bruin of wit. Maar in de loop van de volwassenheid worden ze groen of zwart volgens dit beschreven labyrint patroon.

Parelhagedis schubbenpatroon

Parelhagedis Schubbenpatroon

Toen ik de Parelhagedis fotografeerde in de Extremadura had ik hier geen idee van. Ik las hierover voor het eerst in het artikel in de NRC  van 13 april j.l.    Dus een lange inleiding tot de onderstaande foto’s van de Spaanse Parelhagedis.

Parelhagedis

Parelhagedis

Moet u nu zo’n eind weg om een prachtige hagedis te vinden.  Nee, dichter bij huis zijn ook prachtige hagedissen te vinden.  Bijvoorbeeld de Zandhagedis. Afgelopen zaterdag een van de weinige zonnige dagen deze lente en ook wat warmer.  Dus prima om zandhagedissen te spotten in de Amsterdamse waterleidingduinen.  Hier een mannetje dat zich opwarmt in de zon.

Zandhagedis - Man

Zandhagedis – Man – AWD

En ook een vrouwtje, wat minder groen maar ook mooi.

Zandhagedis - Vrouw

Zandhagedis – Vrouw

Nu kan ongetwijfeld ook het schubbenpatroon van de zandhagedis worden gesimuleerd met een soortgelijk algoritme, maar daar moet dan nog even op gestudeerd worden. Ik heb het in ieder geval niet geprobeerd, maar ik ben dan ook geen wiskundige maar natuurfotograaf.

Zandhagedis - Man Patroon-

Zandhagedis – Man Patroon-

De zandhagedis zal het weinig uitmaken, als die maar in het zonnetje kan liggen. En gegeten moet er ook.  Een soort sluipwesp die met zijn lange legboor in het vermolmde hout boorde, maar deze dus niet meer.

Zandhagedisman etend

Zandhagedisman etend

Tenslotte als u de natuur in gaat, let op op teken.  Ook de zandhagedis valt hieraan ten prooi, let op achter zijn linkerpoot, maar liefst twee stuks. De zandhagedis zelf is niet groter dan onggeveer 15 cm, dus de teken zijn werkelijk miniscuul .  Dus een goede controle na een natuurwandeling is heel belangrijk.

 

Teken

Teken

O ja, het eerste gedeelte van mijn blog heb ik ontleend aan het artikel in de NRC, als u het hele artikel wilt lezen, klik dan hier.

https://www.nrc.nl/nieuws/2017/04/13/de-wiskunde-leeft-op-deze-hagedis-8161539-a1554308